De introductie van radium, radioactiviteit en röntgenstralen in de medische wetenschap en praktijk in Nederland in de periode 1896-1916, Kees Simon
Inleiding
Tijdens mijn onderzoek naar de invloed van proefschriften op de wetenschappelijke ontwikkeling van de radiologie in Nederland kwam ik een opmerkelijk wetenschappelijk project tegen. In 1916 begint de fysioloog Zwaardemaker, hoogleraar te Utrecht, een onderzoek naar de invloed van radium op de hartslag [1]. Hij vermoedt dat kalium, het enige radioactieve element in het lichaam [2], de energie levert voor die hartslag en gebruikt andere radioactieve stoffen en röntgenstralen om dat te verifiëren. Het wordt een project van 14 jaren en 22 promovendi. Het project eindigt even plotseling als het begonnen is bij zijn dood in 1930. De vraag die ik me stel is hoe Zwaardemaker tot deze bijzondere werkhypothese kwam en wat zijn motieven waren om zo lang door te gaan. Maar voordat ik deze vraag zal beantwoorden ga ik na hoe de introductie van de röntgenbuis en van het radium in de medische wereld plaatsvond, wat de overeenkomsten en verschillen waren, wie de gebruikers waren en of er aanknopingspunten zijn te vinden voor de hypothese van Zwaardemaker.
Artikel eerder gepubliceerd in MemoRad Jaargang 16 - nummer 2 - 2011
- wo 6 juli 2011 17:48

