Voeg toe aan favorieten Print

Examen uroradiologie 2000

Sommige vragen worden voorafgegaan door een cursief gedrukt tekstgedeelte.

Dit is een inleiding op de daaropvolgende vraag, en dient beschouwd te worden

als zijnde juist.

2. Indien bij een patient met acute pyelonefritis een IVP wordt vervaardigd, is dit in de meerderheid der gevallen niet afwijkend.

A. Juist B. Onjuist G&A blz. 1357

  1.  

3. Bij een patient met niertuberculose worden uitgebreide, wolkige verkalkingen gezien.

Deze verkalkingen bevinden zich in het gedilateerde verzamelsysteem.

A. Juist B. Onjuist G&A blz. 1361

4. Bij een man worden op het blanco buikoverzicht kralensnoerachtige verkalkingen gezien in het verloop van de ductus deferens beiderzijds.

Dit wijst op diabetes mellitus.

A. Juist B. Onjuist G&A blz. 1361

  1. Bij patienten met bilaterale, chronische refluxnefropathie zijn in de meerderheid der gevallen de afwijkingen links even ernstig als rechts

A. Juist B. Onjuist G&A blz. 1364

7. Op een IVP worden bij malakoplakie multipele kleine vullingsdefecten in het verzamelsysteem gezien.

A. Juist B. Onjuist G&A blz. 1366

8. Bij een patient vermoedt de uroloog echografisch een hydronefrose rechts. Op het daaropvolgende IVP is er echter aan de rechterzijde een niet-gedilateerd, eerder wat samengeknepen verzamelsysteem te zien. Klaarblijkelijk zijn cysten voor dit echografische drogbeeld verantwoordelijk geweest.

Dit soort cysten zijn meestal van lymfatische origine

A. Juist B. Onjuist G&A blz. 1377

9. Bij een neonaat wordt aan de linkerzijde een multicysteuze, dysplastische nier gevonden.

De rechternier heeft een verhoogde kans op congenitale afwijkingen.

A. Juist B. Onjuist G&A blz. 1378

10.Angiomyolipomen zijn hamartomen

A. Juist B. Onjuist G&A blz. 1381

    • Bij een patient met een solide ruimte-innemend proces van de nier op echografie, wordt een angiografie verricht. Hierbij wordt een arterieel spaakwiel-patroon gevonden.

    De meest waarschijnlijke diagnose is een angiomyolipoom.

    A. Juist B. Onjuist G&A blz. 1382

    12. Bij een kind van twee maanden oud wordt echografisch een 8 cm groot solide ruimte- innemend proces in de linkernier gevonden.

    De meest waarschijnlijke diagnose is een mesoblastisch nefroom

    A. Juist B. Onjuist G&A blz. 1383

    13. Struvietstenen vertegenwoordigen de meerderheid van de stenen in de urinewegen.

    A. Juist B. Onjuist G&A blz. 1392

    14. Het merendeel van de oxalaatstenen is niet zichtbaar op een blanco buikoverzicht

    A. Juist B. Onjuist G&A blz. 1393

    15. Bij een primaire mega-ureter is er in het merendeel der gevallen een anatomische obstructie

    A. Juist B. Onjuist G&A blz. 1419

    16. Medullaire sponsnieren leiden in de meerderheid der gevallen uiteindelijk tot volledig nierfunctieverlies

    A. Juist B. Onjuist G&A blz. 1396

    17. Tijdens het derde trimester van de zwangerschap is er vaak sprake van een gedilateerd verzamelsysteem van de nieren.

    Dit komt rechts vaker voor dan links

    A. Juist B. Onjuist G&A blz. 1366

    18. Bij een patient met een solide ruimte-innemend proces van de nier op echografie, wordt angiografisch hypervascularisatie gezien.

    Dit pleit meer voor een niercelcarcinoom dan voor een lymfoom.

    A. Juist B. Onjuist G&A blz 1374

    19. Een columna van Bertin is opgebouwd uit fysiologisch normaal nierparenchym.

    A. Juist B. Onjuist G&A blz. 1376

    20. Niercelcarcinoom komt bilateraal voor in ongeveer 3-5% der patienten

    A. Juist B. Onjuist G&A blz. 1384

    21. Bij retroperitoneale fibrose zijn de ureteren naar mediaal gedevieerd.

    A. Juist B. Onjuist G&A blz. 1423

    22. Het subcapsular "cortical rim sign " bij een niertrauma duidt op een occlusie van de vena renalis.

    A. Juist B. Onjuist G&A blz. 1480

    23. Foetale hartactie kan door middel van echografie pas worden waargenomen vanaf 9-10 weken na de laatste menstruatie

    A. Juist B. Onjuist G&A blz. 1934

    24. Bij uterus didelphys is er sprake van verdubbeling van vagina, cervix en uterus.

    A. Juist B. Onjuist G&A blz. 1959

    25. Submuceuze myomen geven vaker afwijkingen op het hysterosalpingogram dan subsereuze myomen

    A. Juist B. Onjuist G&A blz. 1964

    26. Bij een patiente met een cervixcarcinoom wordt een eenzijdige hydronefrose vastgesteld, waarbij de ureter vastloopt in het tumorproces.

    Volgens de FIGO-classificatie betekent dit een stadium III b

    A. Juist B. Onjuist G&A blz. 1965

    27. Bij een 35-jarige patiente worden beiderzijds in het ovarium multipele grote follikels gezien van 4-5 cm doorsnede.

    Het echografische beeld is compatibel met het Stein-Leventhal syndroom

    A. Juist B. Onjuist G&A blz. 1966

    28. In het rechter ovarium van een patiente wordt een dermoidcyste van 5 cm doorsnede gevonden.

    De kans dat er zich ook een dermoidcyste in het linker ovarium bevindt is ongeveer 3%.

    A. Juist B. Onjuist G&A blz. 1968

    29. Een van de kenmerken van het syndroom van Meigs is een verdikt omentum ten gevolge van tumordeposities.

    A. Juist B. Onjuist G&A blz. 1969

    30. Bij neonatale echoscreening wordt bij een mannelijke foetus een oligohydramnion en een overvulde blaas gezien.

    De meest waarschijnlijke diagnose is posterieure urethrakleppen

    A. Juist B. Onjuist G&A blz. 1424

31. Niertuberculose is vaker unilateraal dan bilateraal.

A. Juist B. Onjuist G&A blz. 1361

32. Bij een 30-jarige man worden talloze cysten in beide nieren gezien. De nieren hebben een lengteas van meer dan 25 cm en het normale parenchym is niet meer als zodanig te herkennen.

Deze man heeft een verhoogde kans op aneurysmata in de cirkel van Willis.

A. Juist B. Onjuist G&A blz. 1378

33. Op een IVP wordt extravasatie van contrast gezien bij de rechternier op basis van een proximale uretersteen.

De meest waarschijnlijke ruptuurplaats is tussen fornix en papil.

A. Juist B. Onjuist G&A blz. 1411

34. Bij patienten met adult polycystic kidney disease worden in 30-40 % ook cysten in de pancreas gevonden.

A. Juist B. Onjuist G&A blz. 1378

35. Cysteine-stenen zijn in de meerderheid der gevallen denser dan uraat-stenen

A. Juist B. Onjuist G&A blz. 1393

36. Een normale nier van een volwassene, gemeten bij echografie, behoort kleiner te zijn dan

11,5 cm.

A.Juist B. Onjuist G&A blz. 1492

37. In het geval van een blaascarcinoom is met behulp van CT geen onderscheid mogelijk

tussen stadium T1 en T3a

A.Juist B. Onjuist G&A blz. 1433

38. Van alle primaire epitheliale blaastumoren is 5-10% benigne.

A.Juist B.Onjuist G&A blz.1432

39. Benigne prostaathypertrofie ontstaat in de perifere zone van de prostaat.

A.Juist B.Onjuist G&A blz. 1438

40. Bij suprapubische abdominale echografie van de prostaat is de zonale anatomie

niet herkenbaar.

A.Juist B.Onjuist G&A blz. 1439

 

 

41. De ductus deferens ligt dorsaal van de vesicula seminalis.

A.Juist B.Onjuist G&A blz.1439

42. 99Tc DTPA wordt door de nieren uitsluitend middels glomerulaire filtratie uitgescheiden.

A.Juist B.Onjuist G&A blz. 1334

43. De optimale spin echo sequentie voor het afgrenzen van de normale blaaswand is een T2

sequentie.

A.Juist B.Onjuist G&A blz. 1428

44. Het divertikel van Hutch is een congenitaal blaasdivertikel.

A.Juist B.Onjuist G&A blz.1429

45. Blaaswandverkalkingen zijn een kenmerk van schistosomiasis haematobium

A.Juist B.Onjuist G&A blz.1430

46. Extracapsulaire tumoruitbreiding van het prostaatcarcinoom geschiedt bij voorkeur ter plaatse van de neurovasculaire bundels.

Deze bevinden zich anterolateraal.

A.Juist B.Onjuist G&A blz. 1448

47. Ectopische ureteroceles bij jongens leiden in de meeste gevallen tot incontinentie.

A.Juist B.Onjuist G&A blz. 1531

48. Van alle hypertensiepatienten heeft 25% een renovasculaire hypertensie.

A.Juist B.Onjuist G&A blz. 1465

49. Vochtbeperking is een onderdeel van de voorbereiding voor een Captopril scintigrafie.

A.Juist B.Onjuist G&A blz. 1466

50. De resultaten van PTRA zijn beter bij nierarteriestenosen als gevolg van atherosclerose

dan van fibromusculaire dysplasie.

A.Juist B.Onjuist G&A blz. 1474

51. Een verhoogde resistive index (RI) bij doppleronderzoek van de nier duidt op

nierarteriestenose.

A.Juist B.Onjuist G&A blz. 1495

 

 

52. Bij een patient wordt een vochtcollectie in het kleine bekken gezien na niertransplantatie.

Een urinoom is waarschijnlijker dan een lymfocele.

A.Juist B.Onjuist G&A blz. 1505

53. Diabetes Mellitus is een risicofactor voor het ontwikkelen van nierinsufficientie na hoge

dosis IVP.

A.Juist B.Onjuist G&A blz. 1493

54. Een zogenaamde Usk Upmarknier is een vorm van dysplasie.

A.Juist B.Onjuist G&A blz. 1526

55. De meeste kinderen met een Wilmstumor presenteren zich met haematurie.

A.Juist B.Onjuist G&A blz. 1545

56. Kinderen met een hemihypertrofie hebben een verhoogde kans op een

nefroblastoom..

A.Juist B.Onjuist G&A blz. 1545

57. Bij vesico-ureterale reflux graad 3 is sprake van een matige tortuositas van de ureter.

A.Juist B.Onjuist G&A blz. 1542

58. Autosomaal recessieve polycysteuze nierziekte (ARPD) is geassocieerd met

leverfibrose.

A Juist B.Onjuist G&A blz. 1527

59. In het geval van een dubbelsysteem komt vesico-ureterale reflux vaker voor in het

onder- dan in het bovenpoolssysteem.

A.Juist B.Onjuist G&A blz. 1530

60. Patienten met een testiculaire feminisatie hebben een uterus.

A.Juist B.Onjuist G&A blz. 1979

61. De kans op een normale voldragen zwangerschap is groter bij uterus septatus dan bij

uterus bicornis.

A.Juist B.Onjuist G&A blz. 1979

62. Bij MRI van de uterus toont de "junctional zone" significante wisselingen in dikte tijdens de cyclus.

A.Juist B.Onjuist G&A blz. 1978

63. De aanwezigheid van een chemical shift artefact bij MRI pleit meer voor een

dermoidcyste dan voor een endometrioma.

A.Juist B.Onjuist G&A blz. 1985

64. Voor stagering van het ovariumcarcinoom is laparotomie verdrongen door MRI.

A.Juist B.Onjuist G&A blz. 1986

65. Een Brennertumor van het ovarium toont in meerderheid der gevallen een hoog signaal

op zowel T1 als T2 gewogen opnamen.

A.Juist B.Onjuist G&A blz. 1986

66. Een van de oorzaken van niervenethrombose is glomerulonefritis.

A.Juist B.Onjuist G&A blz. 1463

67. Het prune belly syndroom komt vaker bij meisjes voor.

A.Juist B.Onjuist G&A blz. 1535

 

68. De voorkeurslocalisatie van nierarteriestenosen veroorzaakt door fibromusculaire

dysplasie is de proximale 2 cm van het vat.

A.Juist B.Onjuist G&A blz. 1468

69. Posterieure urethrakleppen type 1 komen vaker voor dan type 3

A.Juist B.Onjuist G&A blz. 1537

70. In 80% van de patienten met polyarteritis nodosa zijn de nieren aangedaan.

A.Juist B.Onjuist G&A blz. 1458